Verloren hondje

 

 

opruimwoede

Nu we aan het opruimen zijn, vanwege de verhuizing, kom ik van alles tegen.

Onder andere mijn schoolboeken waar ik vele avonden over gebogen heb gezeten, waar ik slapeloze nachten van heb gehad. Waarmee ik wel  mijn diploma heb gehaald en uiteindelijk zelfs een hele leuke baan. Soms moet je doorzetten om je dromen te verwezenlijken.

In de tijd dat ik met die opleiding bezig was, kwam ik mezelf behoorlijk tegen.

Tot die tijd had ik alles prima onder controle, maar toen ik moeilijke sommen moest maken, dingen moest leren die ik echt niet begreep, kwamen de negatieve gedachten over mezelf behoorlijk naar boven. Tot die tijd was ik me daar niet van bewust, omdat het wel reilde en zeilde en ik de controle wel over mijn leven had, ik alles wel in de macht had. Maar toen het wat moeilijker werd,  ik buiten mijn comfortzone kwam, ik niet alles meteen begreep en dus buiten mijn comfortzone kwam, ging het riedeltje in mijn hoofd werken…Ik kan het niet, ik weet het niet, veel te moeilijk, dit haal ik nooit, waar ben ik aan begonnen, dit lukt me toch nooit enz.

Mijn hele leven kwam op de kop te staan en ik voelde me eenzaam en onbegrepen.

Vertelde ik hier over aan anderen en hoe deze gedachten tot stand waren gekomen door mijn jeugd,  dan kwam men meteen met een oplossing. Man, laat dat achter je! Dat is geweest, maak je je daar nu nog druk om? Ach, overal is wel wat en ga zo maar door. Je moet dat vergeten, je er overheen zetten, niet meer aan denken.  Zo moest ik het maar gaan doen, want dat hadden zij ook gedaan. Nou ja, daar kon ik dus niet zoveel mee en voelde me nog meer eenzaam en onbegrepen. Dit was in elk geval niet waar ik behoefte aan had in die tijd.

In die tijd stond er een column in de krant, waar ik veel in herkende. Ik heb het toen uit de krant geknipt en ik kwam het nu weer tegen.

Gelukkig heb ik mijn leven weer op de rails, maar dat is toch wel een heel proces geweest. En omdat ik weet dat er velen zijn die in eenzelfde proces zitten, heb ik die column van toen hieronder overgenomen. Credits zijn dus voor iemand die in het ND een column had genaamd ‘Verloren hondje’ 

 

 

hondje  VERLOREN HONDJE

Met de regelmaat van de klok zitten er meiden bij mij aan tafel ( want meestal gaat dit over meisjes en veel minder over jongens) die het allemaal niet meer zien zitten. Ze voelen zich depressief, wat per definitie inhoudt dat ze zich machteloos, hulpeloos en hopeloos voelen. Ze zien het niet meer zitten en daarbij komt al snel boven tafel dat ze zich vooral ook erg alleen voelen.

Ze voelen dat niemand hen begrijpt, dat niemand hen kan helpen, dat ze er altijd alleen voor staan.

Gelukkig sis het bijna nooit zo dat die meisjes er ook echt alleen voor staan: ze komen uit gezinnen met ouders die voor hen en hun broertjes en zorgen. Sterker nog: meestal gaat het met die broertjes en zusjes nog goed ook. Hoe komt het dan toch dat deze meisjes zich zo alleen voelen en het leven niet meer zien zitten?

Als ik goed luister, hoor ik vaak zeggen dat ze zich niet begrepen voelen door de mensen om hen heen. Dat ze wel aangeven hoe ze zich voelen , maar dat dit niet helpt. En als ik dan vraag hoe mensen daarop reageren, vertellen ze dat ze hen gaan troosten met woorden als ‘het komt wel goed’. Ze bedenken oplossingen geven tips en adviezen.

Met één van die meiden kwam ik op het volgende verhaal: het verloren hondje. Dat verhaal gaat als volgt.

Er zit een tiener op de stoeprand hartverscheurend te huilen als er iemand langs komt lopen. Die persoon vraagt aan de tiener wat er aan de hand is. Ze vertelt dat haar hondje is weggelopen. Wat doet degene die langs loopt vervolgens? Hij gaat meteen het hondje zoeken, maar komt later zonder hondje weer terug. Als de voorbijganger nu eerst eens had gevraagd maar het hoe en waarom van het weggelopen hondje, ha deze gehoord dat het dier al jaren geleden is weggelopen. De tiener huilt op dit moment, omdat ze net een hondje zien lopen dat haar erg aan haar eigen hondje deed denken. En als de voorbijganger dan gevraagd had hoe hij of zij kon helpen, had de tiener wellicht gezegd dat een arm om haar heen tot het huilen over was haar erg geholpen zou hebben. Zonder vragen naar het hoe en waarom, zonder tips en adviezen over hoe het hondje te vinden of een nieuw hondje te nemen, maar gewoon ruimte, zorg en aandacht voor het huidige verdriet.

Nu is dat makkelijker gezegd dan gedaan, ruimte geven aan het verdriet, de machteloosheid en hulpeloosheid van een ander. Je moet immers zorgen dat er niet te veel ruimte wordt gegeven, anders kan het nare gevoel groeien en komt er geen einde meer aan. Maar aan de andere kant moet je het wel kunnen verdragen om niet actief oplossingen aan te gaan bieden waar de ander niets aan heeft. Als je dat kunt, voel je echt even mee met de ander.

Dan voel je je op dat moment ook even machteloos of hopeloos en dan pas kun je terecht zeggen ‘ik begrijp je’.

Een reactie plaatsen